De 'kattenstad' aan de Sarawak-rivier is een van de prettigste steden van Borneo: een sfeervolle waterkant, Chinese tempels en de beste laksa van Maleisië. Binnen een uur sta je in Bako tussen de neusapen of kijk je naar halfwilde orang-oetans in Semenggoh.
■ beste maanden · ■ liever niet (regen/storm) · ■ prima
Wat kun je er doen?
Bako National Park
±€ 15
Sarawaks oudste park: zandstenen kliffen, stranden en jungletrails vol neusapen, baardvarkens en bekerplanten. Bus 1 naar Bako-dorp, dan een boot van 20 min (deel hem met anderen); entree RM20. Blijf een nacht voor de nachtwandeling.
Halfwilde orang-oetans komen bij de voederplatforms om 9:00 en 15:00 uit het bos; geen garantie (in vruchtentijd blijven ze weg), maar vaak wel. Op 30 min van de stad, entree ca. RM10.
Wandel 's avonds langs de rivier met uitzicht op het gouden parlementsgebouw en Fort Margherita; steek over via de kronkelende brug of met een sampan-bootje voor een paar ringgit.
Sarawak laksa & kolo mee
±€ 3
Anthony Bourdain noemde Sarawak laksa 'het ontbijt der goden'; eet het bij Choon Hui of Chong Choon, en probeer kolo mee en kek lapis (laagjescake).
Openluchtmuseum bij Damai met traditionele longhouses van de verschillende volken van Sarawak en een dansvoorstelling; hier is ook het Rainforest World Music Festival (juni/juli).